(trein, reportage) · 15 July 2010, 09:04 De vergane glorie: Spoorlijn 23 (Deel 1) Spoorlijn 23: Tongeren – Sint-Truiden – Drieslinter.
Reportage deel 1: Tongeren - Borgloon.
Bij de vereenvoudiging van de spoorwegen in het midden van de 20e eeuw kreeg het Limburgse net het zwaar te verduren. Reizigersdiensten werden in de jaren ’50 al op vele lijnen opgeheven. Na de sluiting van de mijnen bleek ook het goederenvervoer een dieptepunt te kennen wat onder andere de sluiting van lijn 18 met zich meebracht. Ook lijn 23 is al jarenlang spoorweggeschiedenis. De laatste sectie werd een goede 30 jaar geleden gesloten en is inmiddels ook volledig opgebroken. Er blijft dus, op de bedding en een paar bruggen na, niet veel meer van over. Overigens is een groot gedeelte geasfalteerd en doet nu dienst als fietspad, wat wel vaker gebeurt met oude lijnen.
Op een zondag in juli 2010 besloot ik nogmaals op pad te gaan. Met temperaturen ruim boven de 30 graden verkoos ik de brommer boven de fiets. Toegegeven, er is niets zaliger dan een rondritje bij dat weer. Lijn 23 takte in Tongeren af in Noordelijke richting. Door grote werken in de stationsbuurt waren vele overblijfselen reeds verdwenen.
Wat ooit het begin was van lijn 23.. In de verte zie je het station van Tongeren.
De vertakking naar lijn 23 eindigt in een doodspoor. Tussen de bomen op de achtergrond bevond zich de bedding.
De bijhorende rommel van Infrabel, het lijkt hier al een beetje Wallonië.
Een stukje verderop met zicht van op de bedding die momenteel opgehoopt wordt voor één of ander project.
We verlaten de stationsbuurt. Veel kenmerken van een spoorlijn vinden we hier al niet meer terug.
Het gedeelte in het centrum is geleidelijk aan terug bebouwd. Het duurde dan ook even vooraleer ik de lijn terug vond.
Langs de Hasseltweg had ik meer geluk. Wat er op het eerste zicht uitzag als een hoop grond met bomen bleek het begin van een heuse spoorbedding. Dankzij de vzw. Natuurpunt was de bedding overigens nog mooi vrijgemaakt onder het motto ‘geniet van dit stuk natuur’.
Ik moet wel zeggen dat men bij de opbraak alles keurig heeft opgeruimd. Toch zie je hier en daar nog overblijfselen die alleen maar van een ijzerenweg kunnen afstammen.
Even verder doorstappen.
Hier zie je duidelijk dat ik me op een verhoogde bedding bevind. De weg die je rechts ziet kruist de bedding even verderop. Een brug is hier wellicht nooit geweest.
Helaas werd het stuk aan de overkant niet vrijgemaakt. Het is dus ook onmogelijk hier doorheen te wroeten. Ik besloot om een stukje verder te rijden.
De bomen op de achtergrond staan op de lijn.
Weer een kruising met een weg, ditmaal geen verharde. Ook hier is de doorgang moeilijk. Nog even verder rijden dus.
Een halve eeuw geleden kon je op die plaats beter niet picknicken..
Het einde van de wildernis en het begin van een verhard fietspad, luxe als je met een brommer onderweg bent!
Het Limburgse fietsroutenetwerk telt heel wat kilometers over oude spoorlijnen. Ideaal voor de liefhebbers die de streek eens willen verkennen.
Mensen die onbekend zijn in de streek zullen op het eerste zicht misschien niet meteen doorhebben dat op deze plaats jaren geleden treinen reden. Toch verraadt deze brug, waar trouwens een aardeweg(!) overheen gaat, dat hier vroeger een obstakel moet geweest zijn. Men bouwt hier echter nog geen bruggen zonder functie, dat kan enkel in West-Vlaanderen.
Boven op de brug.
Slechts enkele honderden meters verderop moest het spoor vroeger over de “Marmolbeek”.
Het plaatsnaam bordje kondigt aan de we het dorpje Jesseren naderen. Hier bevond zich ook het tweede station van de lijn.
En niet heel veel later…
Bijna ongelofelijk dat dit stukje architectuur na meer dan 50 jaar bewaard is gebleven. Op deze plaats bevond zich vroeger een overweg. Aan de overkant gaat het pad verder richting Borgloon.
Bij het buiten rijden van Jesseren ligt de bedding er weer een stukje onaangetast bij.
Tussen de wildernis dook er opeens weer een brug op.
Bepaalde stukken waren zodanig overwoekerd dat ik besloot om weer een eindje via de vaste weg te rijden. Bij de volgende kruising kwam ik de overblijfselen van een modernere brug tegen.
Je ziet duidelijk hoe de bedding een lijn trekt door het landschap. Vanaf hier volgt een wandelroute het traject waardoor het pad weer netjes vrij gemaakt was.
Ooit waren ze met honderden, dit is slechts een eenzaam exemplaar dat is achtergebleven.
Weer een brug en even later was het einde van dit wandelpad al in zicht.
Terug een comfortabelere rijweg voor mijn brommer.
Op deze plaats moet ooit het station van Kerniel gestaan hebben. Helaas heeft dat gebouw minder geluk gehad.
Nogmaals een zicht van op een brug. Borgloon kan nu echt niet ver meer zijn.
Bij het vallen van de avond arriveerde ik dan uiteindelijk in Borgloon. Ook hier is geen stationsgebouw meer te bespeuren, helaas! Het spoor bevond zich links van de geparkeerde vrachtwagens, rechts ziet u de bekende stroopfabriek.
Ook hier moet er ooit een overweg geweest zijn.
De bushalte zonder treinvervangende lijn 23a, deze passeert enkele honderden meters verderop door het centrum.
Aan de overkant van het stationsplein lopen het verharde fietspad en de oude bedding weer even niet meer samen. Toch is de spoorlijn even verderop weer makkelijk toegankelijk dankzij een netjes vrijgemaakt wandelpad.
Bij zonsondergang besloot ik mijn tocht te staken, ik had immers nog een goeie 35km te brommen vooraleer ik thuis was. Tot slot nog even deze oude spoorwegbrug op foto gezet in Kuttekoven.
Momenteel heb ik ongeveer één derde van het traject verkend. Ik probeer de secties Borgloon – Sint-Truiden en Sint-Truiden – Drieslinter zo snel mogelijk op gevoelige plaat vast te leggen.
Reacties of bijkomende informatie is altijd welkom via e-mail. |